NL-SfB codering

Een van de bekendste en oudste BIM-standaard in Nederland is de NL-SfB. Het is de officiële Nederlandse versie van de internationaal erkende SfB-classificatie en is specifiek gericht op de bouwsector. Volgens de Bouw Informatie Raad is de NL-SfB al een randvoorwaarde voor BIM-level 0. Zelfs al ben je eigenlijk nog niet begonnen met BIM, hoor je al gebruik te maken van de NL-SfB.

Wat is NL-SfB

De afkorting SfB is afkomstig van het Zweedse comité Samarbetskommittén för Byggnadsfragor. Vrij vertaald naar het Nederlands betekent dit de Gezamenlijke Werkcommissie voor Bouwproblematieken. De NL-SfB is een zogenaamde semantische standaard. Dit houdt in dat er definities in staan vastgesteld. Het is namelijk een classificatie van (bouw)elementen. Deze BIM-standaard wordt in meerdere landen gebruikt.

Door middel van NL-SfB hang je informatie aan je bouwwerken.

NL-SfB codering

De NL-SfB-codering (die je hier als Excel bestand kunt downloaden) is opgebouwd uit vijf tabellen. De tabellen lezen zich als volgt;

Tabel 0 - Ruimtelijke voorzieningen

In tabel 0 worden de coderingen gegeven die het soort gebouw omschrijven. Dit tabel kent tien verschillende hoofdstukken (0 tot en met 9). Tabel 0 heeft de volgende hoofdstukken.

  1. Planologische gebieden
  2. Civiel- technische voorzieningen
  3. Agrarische en industriële voorzieningen
  4. Administratieve, commerciële en beschermende voorzieningen
  5. Gezondsheids- en sociale voorzieningen
  6. Recreatieve voorzieningen
  7. Religieuze voorzieningen
  8. Onderwijs-, wetenschappelijke- en informatie voorzieningen
  9. Woonvoorzieningen
  10. Algemene en overige voorzieningen

Kijk je naar de verschillende hoofdstukken, dan zie je dat de voorzieningen verder gedetailleerd worden door middel van extra cijfers. Voorbeeld

  1. Horecavoorziening
  2. Amusementsvoorziening
  3. Recreatievoorziening
  4. Watersportvoorziening

De hoofdstukken soms tot wel vier cijfers diep. Voorbeeld

  1. Gevangenissen, interneringsinrichtingen
    1. Open gevangenissen
    2. Gesloten gevangenissen
    3. Heropvoedingsgestichten

Tabel 1 - Functionele gebouwelementen

Tabel 1 is waarschijnlijk het bekendste tabel. Deze tabel bevat de coderingen voor de functionele delen van een gebouw. Het getal bestaat uit twee cijfers, met daarachter eventueel een puntnummer. Voorbeeld Code 27 staat bijvoorbeeld voor daken. Kijken we iets meer gespecificeerd naar het element, dan staat

  • 27.1 voor 'daken; niet constructief' en
  • 27.11 voor 'daken; niet constructief, vlakke daken'.

Tabel 1 spreekt aardig voor zich en is bijvoorbeeld makkelijk te gebruiken in Revit. https://youtu.be/w2-eE3ML8uw

Tabel 2 - Constructiemethoden

Door middel van de coderingen van deze tabel kun je aangeven op hoe iets gemaakt moet worden. De constructiemethoden worden aangeduid met een hoofdletter en loopt ook daadwerkelijk van A tot Z. Zo wordt pleisterwerk aangeduid met een (P), betonwerk met een (E) en leidingwerk met een (I). Codering van tabel 2 van de NL/SfB

Tabel 3 - Constructiemiddelen (bouwmaterialen)

In tabel 3 worden de constructiemiddelen (of bouwmaterialen) aangeduid. Deze middelen worden in de eerste instantie gegroepeerd door middel van een kleine letter en vervolgens verder gespecificeerd met een cijfer. Voorbeeld De letter (h) staat bijvoorbeeld voor metaal. Ga je dieper in op het materiaal dan staat:

  • h1 voor 'gietijzer';
  • h2 voor 'staal';
  • h3 voor 'staal legeringen' en
  • h4  'aluminium'.

Tabel 4 - Activiteiten, kenmerken en eigenschappen

Het laatste tabel geeft de codering van van activiteiten, kenmerken en eigenschappen. Dit tabel wordt aangeduide met een hoodletter, een cijfer en een kleine letter. Je begint met een hoofdletter.

  • A t/m D staan voor activiteiten en hulpmiddelen;
  • E t/m F staan voor kenmerken en eigenschappen;
  • I t/m T staan voor prestaties en
  • U t/m Z staan voor eisen, randvoorwaarden en doorontwikkeling.

Tabel 4 is heel erg uitgebreid. Er wordt namelijk altijd nog dieper op een activiteit of kenmerk ingegaan door middel van een cijfer en in sommige gevallen zelfs door middel van een kleine letter. Voorbeeld De hoofdletter (P) geeft informatie over de akoestische prestaties van gebouwen. Wordt je specifieker dan zegt

  • P2 iets over de geluidsisolatie en
  • P3 iets over de geluidsoverdracht.

De NL-SfB noteren

De NL-SfB is in de eerste instantie niet bedacht als BIM-standaard. Deze elementenmethode bestaat namelijk al veel langer. Om de NL-SfB duidelijk te (en eenduidig te noteren is een kwaliteitsstempel bedacht. Deze ziet er als volgt uit: NL/SfB Classificatiestempel Hierin worden de vier bovenste vakjes ingevuld.

  • In het eerste vak staat de notering van tabel 0.
  • In het tweede vak staat de notering van tabel 1.
  • In het derde vak staat de notering van tabel 2 en 3.
  • In het vierde vak staat de notering van tabel 4.

VoorbeeldNL/SfB Classificatiestempel ingevuldIn het bovenstaande voorbeeld gaat het dus over een buitenwand (21) van een kantoorvoorziening (32). Deze buitenwand is gemetseld (F) met gebakken klei (g2).  P2 zegt iets over de prestaties van de geluidsisolatie.

Toepassen

Als wij het hebben over het toepassen van de NL-SfB hebben we het eigenlijk altijd alleen maar over Tabel 1. De viercijferige codering van gebouwelementen. Als voorbeeld 21.21 dit staat voor de categorie buitenwanden; constructief, massieve wanden. Toch bieden Tabel 0, 2 en 3 interessante en bruikbare informatie. Tabel 0 geeft ons informatie over het gebouw en de ruimte en zouden we dus ook al deels eisen uit kunnen halen. Tabel 2 geeft ons informatie over hoe het element gemaakt wordt maar is eigenlijk niet uitgebreid genoeg. Tabel 3 geeft ons informatie over het materiaal maar dan wel deels op hoofdniveau. Maar waarom gebruiken we dit verder niet? Is het te complex of zijn we er niet van bewust?

Helaas wordt soms zelfs van alleen al het toepassen van Tabel 1 nog steeds niet de noodzaak ingezien en dat is zonde. Het biedt namelijk in ieder geval een manier om op een eenduidige manier met elkaar te praten over deze elementen. In de huidige vorm is deze methode daar heel geschikt voor tevens als het gaat om elementenbegrotingen. Laten we dan die stap vooral nemen en het voor de vervolgprocessen makkelijker maken! Zo kunnen we wel alvast deels sorteren en filteren.

Want voor het sorteren op basis van gelijksoortige kenmerken in een BIM-model lijkt deze methode minder geschikt of beperkter. Immers valt in het voorbeeld 21.21 meerdere elementsoorten. Deze kan namelijk gebruikt worden voor Kalkzandsteen maar ook voor Prefab Beton.

Wellicht zou dan toch gekeken kunnen worden naar Tabel 3 om zo een combinatiecode te creëren. We zouden dan krijgen 21.21_e3 of 21.21_f2. 

Vanuit de branche wordt er gelukkig gekeken of de NL-SfB kunnen vernieuwen/revitaliseren en beter kunnen laten aansluiten op IFC, Tabel 2 met de STABU en voor Tabel 3 wordt gekeken naar NAA.K.T.

Reactie plaatsen