Automatiseren, valideren, samenwerken en integreren met EVA
09 maart 2022 
in Overig
6 min. leestijd

Automatiseren, valideren, samenwerken en integreren met EVA

We beginnen dit blog met een belangrijk vraagstuk: kan jouw organisatie zonder engineering tóch aan maatwerk doen?

Engineering is een heel belangrijk onderdeel in de maakindustrie, en dan met name in de machinebouw en bouwtoeleverende industrie. Maar het heeft tegelijkertijd veel impact op je orderproces. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een typisch salestraject waar een klantaanvraag, nadat het bij een sales medewerker is binnen gekomen, in veel gevallen bij engineering wordt weggelegd voor voorwerk of pre-engineering. Het resultaat van dit voorwerk kan bijvoorbeeld een render, stuklijst, geschatte levertijd of prijsinschatting zijn. Hier kan al snel veel tijd in gaan zitten, terwijl het nog maar de vraag is of de order ook daadwerkelijk gescoord wordt. In deze fase worden er feitelijk drie dingen verlangt:

  1. Snelheid: Hoe minder tijd de engineers bezig zijn met dit voorwerk, hoe meer capaciteit er vrij komt om productief te zijn. Daarnaast kan een kortere doorlooptijd van deze initiële sales aanvraag leiden tot een hogere scoringskans van de order.
  2. Keuzevrijheid: Een klant wilt vaak veel keuzevrijheid hebben, terwijl dit de complexiteit, kosten en doorlooptijd van een aanvraag juist kan verhogen. Het is daarom belangrijk om beheersbare en duidelijk afgebakende keuzevrijheid in dit stadium naar een klant te communiceren, zodat alle partijen weten waar ze aan toe zijn.
  3. Kwaliteit: Uiteraard is de kwaliteit van de offerte dat terug naar de klant gestuurd wordt essentieel. Met kwaliteit wordt onder andere bedoeld in hoeverre de scope aansluit op de wensen van de klant, hoe nauwkeurig er gebudgetteerd kan worden, maar ook of er mooie renders in plaats van simpele schetsen geleverd kunnen worden.

Moet maatwerk dan altijd voorkomen worden?

Nee, zeker niet. Maatwerk wordt vaak met veel succes geleverd en is het bestaansrecht van heel veel bedrijven. Dat geldt zeker voor bedrijven in de Nederlandse maakindustrie. Dit betekent niet dat je geen maatwerk zou kunnen leveren zonder daarbij engineering in je hoofdorderproces te hebben. Dit is precies waar ons EVA concept om de hoek komt kijken.

Hoofdorderproces

Voor wat betreft het hoofdorderproces kun je in de maakindustrie onderscheid maken tussen verschillende soorten processen. Aan de ene kant vinden we ETO (Engineering-to-Order). Dit is waar al het maatwerk in gebeurt. Een product of machine wordt eerst ontwikkeld en uitgetekend voordat het geproduceerd wordt. Op die manier kun je voor iedere order iets volledig op maat maken.

Aan de andere kant van het spectrum vinden we CTO (Configure-to-Order). Hierbij wordt een product of project uit verschillende opties geconfigureerd. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het samenstellen van een auto waar je uit meerdere kleuren, velgen en bekleding kunt kiezen.

ETO vs CTO

CTO bestaat al een lange tijd en biedt veel grote voordelen voor de maakindustrie, maar tussen CTO en ETO zit een groot gat. CTO zorgt voor snelheid, maar heeft flinke beperkingen ten opzichte van de keuzevrijheid. ETO geeft wel volledige keuzevrijheid, maar vormt een groot onderdeel van het hoofdorderproces en is erg tijdsintensief.

Engineering Virtuele Assistent (EVA)

Tussen CTO en ETO hebben wij een concept bedacht dat er voor zorgt dat je de snelheid van CTO behoudt, zonder dat er veel keuzevrijheid en flexibiliteit van ETO verloren gaat. Dit concept noemen wij EVA: Engineering Virtual Assistent. Met het EVA concept lijkt het dus alsof je extra engineeringscapaciteit hebt, zonder deze extra capaciteit in te hoeven huren.


Het EVA concept, bestaat uit vier pijlers, te weten: Automatiseren, Valideren, Samenwerken en Integreren.

Automatiseren

Bij automatiseren gaat het om het verminderen van handmatige en repeterende zaken. Denk hierbij aan het automatisch bijwerken van regels in je stuklijst, aanmaken van views op productietekeningen, of aanpassen van geometrie van onderling afhankelijke onderdelen uit een samenstelling. Door deze relatief eenvoudige stappen te zetten, kan er snel veel tijd vrijgemaakt worden.

Valideren

Data binnen een organisatie kan grofweg in twee categorieën geplaatst worden: Gevalideerd en Ongevalideerd.

Bij ongevalideerde data kun je denken aan een PDF van een productietekening die handmatig door een engineer is gemaakt, en op een locatie op het netwerk is geplaatst. Op de engineer na weet niemand binnen de organisatie:

  • Of dit de laatste versie van de productietekening is.
  • Of de productietekening daadwerkelijk is gecontroleerd door een tweede persoon
  • Of dit onderdeel op dit moment geen onderdeel is van een Engineering Change Order, etc.

Wanneer we spreken over gevalideerde data, dan is deze data opgeslagen in een correct ingericht PDM of PLM systeem. De data binnen zo’n systeem volgt altijd het één bron van de waarheid principe, waarbij er dus geen lokale kopieën bestaan. Ook wordt er gebruik gemaakt van versie- en revisiebeheer, zodat het voor iedereen duidelijk is wat de laatste versie of revisie van het bestand is. Daarnaast wordt er gebruik gemaakt van de lifecycle definition, zodat het eenduidig is wat de huidige status van een bestand is, en wat dit voor verschillende afdelingen binnen een organisatie betekent.

Samenwerken

Samenwerken is binnen een organisatie één van de belangrijkste onderdelen om goede bedrijfsresultaten te kunnen behalen. Toch hebben de meeste organisaties hier moeite mee. Samenwerken gaat in de basis natuurlijk over mensen, maar de mensen binnen een organisatie hebben wel de juiste tools nodig om te kúnnen samenwerken. Het EVA concept zet dan ook flink in op het kunnen laten samenwerken van mensen, niet alleen binnen een afdeling zoals engineering, maar ook tussen verschillende afdelingen en zelfs tussen de ketenpartners zoals klanten en toeleveranciers. Autodesk Vault Professional speelt hierin een belangrijke rol, en ons eigen onderzoek heeft aangetoond dat het goed implementeren, gebruik en uiteindelijk centraal zetten van een PDM oplossing zoals Vault, de samenwerking significant kan verbeteren. Met behulp van Vault Professional is het bijvoorbeeld mogelijk om het vier-ogen principe af te dwingen, waardoor onderdelen alleen van status kunnen veranderen na goedkeurig van een vooraf gedefinieerd persoon of personen. Ook kunnen vrijgegeven bestanden en documenten worden gewijzigd met de Engineering Change Order functionaliteit, waardoor de hele organisatie inzage kan krijgen in wat, waarom, wanneer en door wie een document is gewijzigd. Je bouwt hierdoor hele waardevolle en volledig traceerbare wijzigingsdata op, iets wat voor bijvoorbeeld een ISO 9001 certificering essentieel kan zijn.

Integreren

De grote hoeveelheden data die worden gegenereerd op een engineeringsafdeling moeten natuurlijk op een eenvoudige en beheersbare manier beschikbaar worden gemaakt voor de rest van de organisatie. Denk hierbij bijvoorbeeld aan Bill of Materials van producten die in het ERP-pakket geladen moeten worden, of productietekeningen die bij leveranciers of productiemedewerkers terecht moeten komen. Traditioneel komt hier veel handwerk bij kijken, stuklijsten die handmatig ingevoerd worden, PDF’s die in e-mails worden verstuurd, of tekeningen die uitgeprint worden en fysiek binnen een bedrijf worden verspreid. Vindt er een wijziging plaats aan een onderdeel of product, dan zullen ook deze wijzigingen weer handmatig doorgevoerd en verspreid moeten worden. Dit is niet alleen tijdrovend, maar ook erg foutgevoelig.

Binnen het EVA concept bestaan er meerdere oplossing om de door engineering gegenereerde data automatisch te kunnen integreren binnen de rest van de organisatie. De belangrijkste oplossing hierbij, is de CAD-ERP connector. De CAD-ERP connector werkt nauw samen met Autodesk Vault Professional, en zorgt ervoor dat wanneer een onderdeel of product wordt goedgekeurd, en daarmee in de status Released terecht komt, de onderliggende stuklijst automatisch in het ERP-pakket wordt geladen. Dit voorkomt niet alleen veel handmatig werk en daarmee fouten, het zorgt er ook voor dat er alleen goedgekeurde en daarmee gevalideerde data in het ERP-pakket geladen wordt. Dit scheelt al snel heel veel foutieve, incorrecte of corrupte data in een ERP-pakket. Onderzoek wijst uit dat de meeste organisaties hun data niet op orde hebben: slechts 3% van de organisaties scoort een voldoende of hoger. En dat terwijl het werken met incorrecte data erg kostbaar kan zijn voor organisaties.

Tot slot

Ben je benieuwd geworden naar het EVA concept? Neem dan contact met ons op.


Reactie plaatsen